Twisten, breien, drukken, wachten, bluffen, mazzelen
Er gebeurde echt van alles bij Caissa 6
door
Het was de warmste 16 oktober ooit gemeten. Laurierboom uit. Het is aan de overkant van het café, liet de teamcaptain vooraf in de groepsapp weten. 'Welk café?' vroeg tenminste één van de opgestelden.

Café de Laurierboom heeft een nieuwe eigenaar en die heeft ook de beschikking over een herbergzaam, van grote ramen voorzien lokaal op de hoek van de Laurierstraat en de Eerste Laurierdwarsstraat. Afgaande op een wandversiering met de letters agnès b vinden hier ook wel eens wat modedingetjes plaats. We pasten er goed in, inclusief non-playing captain Wim en non-playingfan Jan. Laurierboom was vorig jaar gedegradeerd uit de promotieklasse. Wij waren juist gepromoveerd naar de eerste klasse, na het seizoen eerder geruisloos te zijn gedegradeerd. We betreurden het vertrek van Nils (kan niet stilzitten) en Dennis (wilde steeds naar buiten); daarentegen keerde Lodewijk na een stagejaar in de promotieklasse terug.
We kregen vooraf te horen dat het wat de FIDE betreft het uit is met het met twee handen doen van een zet, tenminste, dat daar nu een tijdstraf op volgt, daarna was het handenschudden en spelen maar.
Ik zat zelf op bord 3, met mijn rug naar de borden 4 tot en met 8. Naast mij zag ik Herre zijn geliefde opstelling innemen tegen Joost van Steenis. Links van mij was het voor Theodoor alras keepen geblazen, nadat hij onhandig had gereageerd op een vroege opstoot van zijn tegenstander Theo Weijers. Ikzelf werd achter de witte stukken tegen Mark de Wild Propitius geconfronteerd met een variant die ik liever met zwart speel. Alleen wist ik nog wel een weinig gespeelde zet voor wit, die in postioneel opzicht onaangenaam spel voor zwart kan opleveren.
Het was na schat ik een krap uurtje spelen dat er een woest geschuif van stoelen klonk, gevolgd door een verhitte discussie op straat. De twistende stemmen van Erik en Wim galmden tegen de puitjes van de oude volksbuurt op. Binnen deed een van de tegenstanders glimmend de stukken van bord 8 in het doosje. We stonden 1-0 achter. Toch kon ik een glimlach niet onderdrukken. Bijna niets mooiers dan  ongeremde passie in de onderbond. In feite had er ook geen woord vuil hoeven te worden gemaakt aan Eriks nederlaag. Hij speelde nota bene op het laagste bord tegen een tegenstander met bijna 400 elo-punten meer.
Inmiddels was mijn tegenstander er niet goed uitgekomen en na 15 zetten had ik een héél veelbelovende stelling bereikt.

  Peter Hoomans (1889) - staging  de Wild Propitius (1838), 2017.10.14

Na 16.Lxf7 Txf7 17.Txd7 heeft wit een pion gewonnen en blijft het eenrichtingsverkeer. In plaats daarvan verwachtte ik met 16. Pg5 pas werkelijk te gaan oogsten (en winnen met Lxf7 is zo schools, nietwaar). Na deze zet staat wit nog steeds riant, maar na zwarts voor mij verrassende 16… Pdb8! is niet meteen duidelijk op welke weg te vervolgen.  Ik begon aarzelend te spelen. Of te breien, zoals kapitein Wim dat noemt. Gelukkig drukte David op bord 5 zijn tegenstander Ruhe wel gewoon zonder dralen van het bord: 1-1. Peter vdW had op bord 6 tegen Van Leeuwen ook al vroeg een kwaliteit gewonnen en zou het niet meer weggeven. Herre voer vervolgens zonder ooit in gevaar te zijn geweest een halfje binnen. Maar Lodewijk en Theodoor waren in de problemen en bij Stef aan het eerste bord was het niet duidelijk wat er gebeurde. Na afloop vertelde hij dat hij alvorens tot aanval over te gaan met een wachtzet zijn tegenstander (en oud-Caissaan) Wilbert de Kruiff had proberen te verleiden een kromme zet te doen. Tegenstander deed de kromme zet. Bleek de kromme zet niet krom. Toen hij later dameruil uit de weg ging, in plaats van te berusten in een remise-stelling, ging het bergafwaarts en speelde zijn tegenstander het goed uit. Ikzelf was inmiddels gretig op een remise-aanbod ingegaan, nadat het breien was overgegaan in knoeien en ik zelfs een pion achter was komen te staan. Maar mijn tegenstander bekende veel te blij te zijn onder de doem van de nederlaag te zijn uitgekomen en vond het prima zo. Theodoor slaagde er lang in materieel evenwicht te bewaren, maar zijn al vroeg positioneel verloren stelling bleek uiteindelijk niet te houden. 4-3 voor Laurierboom. Alles kwam aan op Lodewijk. Tegen Pieter Schmidt speelde hij naar eigen zeggen de opening niet goed. In het middenspel had hij met bluf een loper geofferd voor twee pionnen en iets wat op een aanval moest lijken. Er was een erntige fout van de tegenstander nodig om in de partij te blijven. Toen het ergste achter de rug was, maar niet alle leed geleden, bood Lodewijk remise aan. Het bleek zo’n aanbod dat onmiddellijk afgeslagen wordt, maar de kansen doet keren. Of het geluk afdwingt. Want schaken is een geluksspel, weet Lodewijk met Donner.

staging  Pieter Schmidt (1766) - Lodewijk van Pol  Lodewijk van Pol (1707), 2017.10.14

Zwart heeft net 54… g5 gespeeld. De vraag van Lodewijk: wat is de slechtste zet voor wit? Zijn tegenstander speelde ‘m. Wat een mazzel. 4-4!

Zo, in deze volgorde van verliezen, remiseren en winnen, stel ik mij voor dat het gegaan is op de avond van de warmste 16 oktober ooit gemeten. Maar de finale heb ik niet bijgewoond, omdat er een vrij aardig café gelegen bleek tegenover het speellokaal van Laurierboom. Behalve schaakborden en -stukken hebben ze er ook schaakklokken. Echt een aanrader om eens langs te gaan als schaakliefhebber.

  1. Paul van Beukering

    Paul van Beukering zei op :

    Je verhaal doet vermoeden dat het Txb5 was. Dat moet pijn gedaan hebben. Gelukkig hebben ze daar naast schaakborden, -stukken en -klokken ook driedubbele whisky’s.

Reactie achterlaten