Goed voornemen voor 2018
door

Om te beginnen, wens ik iedereen een heel mooi en gezond nieuw (schaak)jaar.

Bij een nieuw jaar hoort traditioneel een goed voornemen en ik heb een heel fraaie in de aanbieding: regelmatig op dinsdagavond iets eerder (rond 19.15 uur) naar de club komen om achter een schaakbord te gaan zitten en een goede daad te verrichten die nog leuk is ook.

Bij de jeugdafdeling zijn we namelijk naarstig op zoek naar schakers die regelmatig (hoeft niet elke week, mag natuurlijk wel) een jeugdlid willen helpen bij het uitvoeren van de zogeheten matoefeningen. Dit zijn individuele oefeningen op het bord waarbij de kinderen mat leren zetten in diverse situaties met weinig materiaal (zie voor de oefeningen die ze doen: jongcaissa.nl/wp-content/uploads/2017/10/mat_medaille3.pdf). Wanneer ze alle oefeningen met goed resultaat hebben voltooid, verdienen ze een fraaie medaille.

Het gaat om oefeningen die één op één worden gedaan (je hebt dus maar met één jeugdspeler tegelijk te maken) en het is verder niet zo heel ingewikkeld. Uiteraard krijg je van ons uitleg over wat de bedoeling is.

De kinderen doen die oefeningen altijd heel graag, dus je bent bijzonder welkom als je op dinsdagavond rond 19.15-19.30 uur komt meehelpen in de benedenzaal.

Het lijkt mij een prachtig (en ook nog eens zeer haalbaar) goed voornemen voor 2018 en ik hoop dat veel clubgenoten dit zullen omarmen.

Caissa 12 speelt op vrijdag de 13e
MSK 2 - CAISSA 12: 5 ½ - 2 ½
door
Hieronder het verslag dat Piet Borst heeft gemaakt van de teamwedstrijd van Caissa 12 tegen MSK 2 in Muiderberg op vrijdag 13 januari jl.

De voortekenen waren niet al te best: het was vrijdag de 13e, er werd een zware storm met gladheid voorspeld, het was volle maan met springvloed, twee van onze beste krachten, Debby en Jan (vdP), konden niet meespelen en André was niet op de afgesproken plek bij Huize Lydia.

Maar alles leek op z’n pootjes terecht te komen. Voor onze tegenstanders was het ook vrijdag de 13e, we waren 20 minuten te vroeg bij buurthuis de Rijver, in het IJmeer zijn geen getijden meer en André had zich met de taxi (wat die al niet over heeft voor Caissa 12!!) uit Utrecht laten brengen, waardoor hij net op tijd binnen kwam.

Bovendien vielen er al snel 2 remises. André kwam wel op achterstand, maar wist op wonderbaarlijke wijze met 2 achtergebleven pionnen de 4 oprukkende pionnen van zijn tegenstander te blokkeren. Anneke had een agressieve variant van het Siciliaans voorbereid, maar, haar tegenstander hield zich niet aan het boekje, dus, helaas, winst zat er niet in.

Een voorbode voor onheil? Nee, Jan (W) wist al tamelijk snel en als enige van ons team te winnen. Hoe? Dat weet Jan alleen.

Daarna brak binnen de Muiderstorm los. Jaap domineerde in de opening en het middenspel, maar kon het niet afmaken. Maria gaf al snel een stuk weg en concludeerde dat ze eigenlijk meer moet studeren, maar dat doet ze al, alleen niet op schaakproblemen. Piet speelde volgens Fritz te voorzichtig waardoor zijn tegenstander hem langzaam maar zeker wurgde. En bij onze laatste twee strijders, Roel en Dick, zag het er ook niet best uit. Maar … Roel kwam er op wonderbaarlijke wijze mee weg. Hij liet zich pat zetten. Weer een halfje erbij. Dick kwam uiteindelijk tijd te kort en verloor ook.

Toen we buitenkwamen keek een omfloerste volle maan vriendelijk op ons neer. Het had buiten veel minder gewaaid dan binnen. Daarna brachten Anneke en Roel ons veilig naar Amsterdam. Dank daarvoor, zij houden een drankje tegoed.

De oudjes gingen rustig naar huis. Maria ging nog stappen. Ze had gelijk …

Piet Borst

Een ‘unicum’
MSK 2 – Caissa 12: 4½ - 3½
door
Afgelopen vrijdagavond reisde C12 goedgeluimd en al autodelend af naar Muiderberg voor onze teamwedstrijd tegen MSK 2. Bij deze gelegenheid bestond C12 uit zeven vaste teamspelers (Jaap van Velzen, Anneke Wiggelendam, André Timmer, Roel Polak, Gerard Blok, Jan Wieringa en ondergetekende) en invalster Mirjam Klijnkramer. Als team in de allerlaagste regionen van het klassement hadden we in principe niets te verliezen en alleen maar alles te winnen. Dat gaf moed.

Nadat we op de plaats van bestemming waren aangekomen en de teamstrategie en ‑opstelling hadden doorgesproken in een (naar wij hoopten) inspirerend soort achterafbibliotheekje, werd ik als teamcaptain door de wedstrijdleider van MSK ontvangen met de woorden: ‘Goh, er zitten maar liefst drie vrouwen in jullie team. In ons team zit ook een vrouw. Een wedstrijd met vier vrouwen, dat is toch wel heel bijzonder, hoor. Een unicum.’ Alsof we een stelletje dodo’s waren. Fijn. De toon was gezet. Laten we maar gaan schaken.

Onder zijn strikte leiding begonnen we keurig op tijd en alle acht partijen mondden vervolgens uit in een vrij langdurige strijd. Ook ik heb lang achter het bord gezeten en heb daardoor niet echt veel van de andere partijen meegekregen. Dit is dus een beetje een verslag uit de losse pols. Alle aanvullingen van teamgenoten zijn welkom.

Mirjam, aan bord 7, was als eerste klaar en wist haar partij te bezegelen met een remise.

Toen werd het even een beetje zoiets als ‘remise zien, is remise aanbieden’ en volgden er nog twee remises: Gerard aan bord 2 en Anneke aan bord 5. Die laatste remise kwam, aldus Anneke, vooral tot stand vanwege tijdnood en niet zozeer vanwege de stelling. Gelukkig nam haar tegenstander het aanbod aan.

Jaap (bord 1) stond vrij goed en had een solide stelling op het bord weten te zetten, maar door wat gemiste kansen kon hij de partij helaas niet tot een goed einde brengen. Ook Roel aan bord 8 maakte naar eigen zeggen een fout en moest het hoofd buigen.

Ik zelf was aan bord 3 in een soort persoonlijke vendetta verwikkeld geraakt. Ik kwam tegenover een tegenstander te zitten die vond dat hij nog een appeltje met mij te schillen had, omdat ik twee jaar geleden een keer van hem had gewonnen. Dat zat hem nog steeds dwars en hij was zwaar uit op revanche… Prima, maar jammer genoeg voor hem kreeg hij met zijn zwarte (soort van) orang-oetanopening een nogal bizarre stelling waar ik doorheen wist te prikken. Ook deze keer was het punt dus voor mij.

Intussen was André aan bord 4 terechtgekomen in een pionneneindspel waarin hij zijn kansen fraai wist te benutten. Zijn tegenstander kwam er niet meer uit en gaf uiteindelijk op.

Bij een gelijke stand (3½ – 3½) was er toen nog één partij bezig: die van Jan aan bord 6. Helaas stond Jan in die beslissende partij qua materiaal achter en was zijn stelling ook ietwat penibel te noemen. Hij heeft nog wat vergeefse pogingen gedaan om het tij te keren, maar dat mocht niet meer baten.

En zo eindigde de strijd met één punt verschil in het voordeel van MSK.

C12 sluit 2015 daarom af met een pas op de plaats onder in het klassement. Gelukkig wordt het team gekenmerkt door een flinke dosis relativeringsvermogen (ach, wat is nou één puntje meer of minder; lager dan onderaan in de vierde klasse kunnen we toch niet komen) en treden we elke teamwedstrijd goed gehumeurd, vrolijk en vol optimisme tegemoet. Dat is de ware kracht van C12 en die is niet in cijfers of ranglijsten uit te drukken.

Geschonden noch ongeschonden
Caissa 12 – Amsterdam West 10
door
Op 24 november jl. speelde C12 thuis tegen Amsterdam West 10. Beide teams bungelen geheel onderaan in het klassement van de vierde klasse SGA, waarbij C12 helaas nog net even ietsje harder bungelt. Hoog tijd om het tij te keren dus…

We waren er helemaal klaar voor: de oorlogskleuren waren aangebracht, de strijdbijl was opgegraven, de strategie was bepaald en vol goede moed betraden we het slagveld.

Ondergetekende ‘bemande’ bord 2: ik had me goed voorbereid en wilde niets liever dan mijn tegenstander finaal van het bord vegen. Ik opende dus met e4… en daar had genoemde tegenstander niet van terug. Letterlijk, want verder is de partij nooit gekomen. Na een uur door het gebouw te hebben gewandeld, her en der een praatje te hebben aangeknoopt en toeschouwer te zijn geweest bij de borden van mijn teamgenoten, kreeg ik van de wedstrijdleider te horen dat mij de partij werd gegund. Mijn tegenstander is nooit komen opdagen. Het eerste punt voor het team was binnen, al voelde het als een erg ‘hol’ puntje, omdat ik er weinig schaakplezier aan heb beleefd.

Nu was het dus aan de heren en dame die zich nog op het slagveld bevonden.

Aan bord 7 werd misschien wel de lastigste partij van die avond gespeeld, want daar nam Jan Wieringa het op tegen een blinde tegenstander. Dat betekende een aparte tafel met extra attributen (speciale schaakklok, een soort brailleschaakbordje voor de tegenstander) en extra werk voor Jan: niet alleen moest hij zijn eigen zetten uitvoeren en noteren, maar ook moest hij elke keer hardop zeggen welke zetten hij deed en moest hij vervolgens de zetten voor zijn tegenstander uitvoeren. Logisch dat hij daardoor van zijn à propos raakte en de kluts ook niet meer kon vinden. Verlies werd zijn deel en toen stond het 1-1.

André Timmer aan bord 4 zwoegde en ploeterde door zijn partij heen, maar kon het niet bolwerken. Gelukkig wist Jan van der Pouw aan bord 6 met fraaie zetten zijn tegenstander zodanig te ontregelen dat de stand voor het team weer gelijk werd getrokken: 2-2.

Intussen had Anneke Wiggelendam (bord 5) verbeten haar zinnen gezet op een pion van haar tegenstander en had al haar stukken zodanig in stelling gebracht dat je met recht kunt spreken van een ware belegering. Helaas wist haar tegenstander een vernuftige verdedigingslinie te creëren en lukte het haar niet om een bres in zijn stelling te slaan. Na wat vruchteloos heen en weer geschuif, vonden ze het allebei wel welletjes geweest en werd remise overeengekomen.

Aan bord 8 stond Roel Polak een pion achter, maar had nog wel wat kansen. Op enig moment tijdens de partij had hij zelfs het idee dat hij op het punt stond om die verloren pion weer terug te winnen. Jammer genoeg is dat uiteindelijk niet gelukt en belandde hij van de weeromstuit van de regen in de drup.

Toen stond het opeens 2½ – 3½ en hadden we nog maar twee partijen te gaan. Het werd spannend.

Piet Borst (bord 3) kwam na een lang voortslepende strijd terecht in een eindspel met één stuk meer en wist zijn tegenstander uiteindelijk op vernuftige wijze murw te spelen. De stand was dus weer gelijk.

De partij aan het eerste bord was de laatste die nog moest worden uitgespeeld. Daar was Dick van Dam met zijn tegenstander verwikkeld geraakt in een lastige stelling, terwijl de klok angstvallig doortikte. Beide spelers raakten daardoor nogal van slag: trillende handjes, gehaaste zetten, bezwete voorhoofden, de klok die bij vlagen compleet werd vergeten (en dus ook niet ingedrukt), een zwarte koning die opeens letterlijk als een raket over het bord werd gelanceerd, kansen die fraai werden benut, andere kansen die finaal werden gemist… kortom, de chaos was compleet. Toen de klok steeds kleinere getallen begon te vertonen en het bord vrij overzichtelijk was leeggeruimd, keken beide tegenstanders elkaar eens diep in de ogen en verzuchtten: ‘remise’.

Zo eindigde de strijd van C12 in een gelijkspel: 4-4. We zijn er dus geschonden, noch ongeschonden uit gekomen en bungelen nog even vrolijk verder in de allerlaagste regionen van het klassement. We richten onze hoop nu maar op de volgende externe teamwedstrijd…